Geluidsreducerende maatregelen

Tip van bewoners leidt tot maatwerk

Een kwetterende vogel in het vroege voorjaar, het ruisen van de zee of een fijn achtergrondmuziekje: geluid kan heel prettig zijn. Maar wanneer je in de buurt van een luchthaven of snelweg woont, vergaat je het plezier al snel. Veel mensen ervaren laagfrequent geluid als vervelend. Niet zo gek dat bewoners in de buurt van het nieuwe transformatorstation zich hierover zorgen maken. Want bepaalde onderdelen van het transformatorstation veroorzaken een brommend geluid. Om geluidsoverlast voor te zijn, treft TenneT de nodige maatregelen.

Jaap Nijland, projectdirecteur Hollandse Kust (west Beta):

”Toen ik voor het eerst door dit gebied fietste, merkte ik al hoeveel geluid hier aanwezig is. En zodra je bouwplannen maakt voor een groot station als dit, weet je dat geluid een probleem kan zijn. Er zijn berekeningen die precies aangeven hoeveel geluid er in een gebied veroorzaakt mag worden. Met Tata Steel op een steenworp afstand, was die ruimte voor nog meer geluid krap. Omdat we met de aan- sluiting van het project Hollandse kust (west Beta) nog in de procedurele fase zaten, konden we echt nog wat doen met de zorg van omwonenden. We hebben toen een ‘themagroep geluid’ opgericht. Met als doel om met elkaar in gesprek te gaan en informatie te delen. We nemen extra geluidsmaatregelen en gaan meten. We hebben gezegd wat we gaan doen, nu moeten we doen wat we hebben toegezegd. We hebben inmiddels twee nulmetingen gedaan bij een aantal woningen die we samen met de themagroep hebben uitgekozen. Zo weten we hoe de geluidssituatie was voordat het transformatorstation er stond. En vlak voordat de eerste transformatoren in bedrijf gaan, meten we nog twee keer. Eén keer met en één keer zonder blaadjes aan de bomen. Na de inbedrijfstelling van elk van de drie windparken wordt er gemeten. In 2026 wordt het laatste windpark op zee aangesloten. Daarna weten we precies of al onze inspanningen het gewenste resultaat hebben gehad. Maar daar heb ik alle vertrouwen in.”

Jord Peters, sub projectleider transformatorstation:

”Vooral ’s nachts, wanneer er geen verkeer is en ook de industrie in de omgeving minder geluid produceert, én als de wind goed staat, zou je de transformatoren kunnen horen. Maar die kans was al heel klein en wordt nu nog kleiner door de maatregelen die we genomen hebben. Ik ben verantwoordelijk voor de bouw van het transformatorstation, dus ook voor de inkoop van materialen. Om goede geluiddempende wandbekleding te vinden zijn we niet naar de eerste de beste leverancier gestapt. Door een tip van de bewoners kwamen we bij Merford terecht. Dit bedrijf is gespecialiseerd in geluidsbeheersing. Zij ontwikkelden voor ons op maat de geluidsabsorberende wandcassettes, waarmee we de wanden aan de binnenkant van het ‘geluidshuis’ bekleden. In het geluidshuis staat de transformator met vlak ernaast de compensatiespoelen. Ik heb er echt vertrouwen in dat we hiermee het (laagfrequent)geluid tot een minimum beperken. Of het ook echt zo is, weten we pas wanneer het derde en laatste windpark is aangesloten.”

Liesbeth Eshuis, omgevingsmanager:

”Ik ben veel onder de mensen en hoor als eerste wat er speelt en waar zorgen over zijn. Laagfrequent geluid is lastige materie. Het is ook persoonlijk. Als je er gevoelig voor bent, kun je het wel horen, maar dat betekent nog niet dat het voor iedereen ook storend is. Laagfrequent geluid hoor je ook beter naarmate je ouder wordt. En je kunt nog zoveel berekeningen en richtlijnen hebben, voor omwonenden telt maar één ding: hoor je iets of hoor je niets. Daarom vind ik het ook zo belangrijk dat we het maximaal haalbare doen om laagfrequent geluid van het transformatorstation zo veel mogelijk te beperken. Want als straks blijkt dat we het gewenste resultaat niet bereikt hebben, hoe klein die kans ook is, dan moeten we samen verder kijken naar een oplossing. Oók wanneer het geluid alleen in individuele gevallen overlast geeft. Dan kunnen we misschien aanvullende maatregelen treffen. We lossen het in ieder geval samen op.”